Eng

Carlijn is alleen thuis. Plotseling gaat de telefoon en Carlijn neemt op. Een stem zegt: ‘ik ben de man met de bloedende hand ik sta drie straten van je verwijderd.’ Carlijn wordt bang en legt de telefoon snel neer. Even later gaat de telefoon weer. Hij hoort dezelfde stem zeggen: ‘ik ben de man met de bloedende hand en ik sta twee straten van je verwijderd.’ Carlijn hangt weer gauw op. Een paar minuten later gaat de telefoon weer. Carlijn durft eerst niet op te nemen, maar doet het dan toch. Weer hoort hij dezelfde stem, die zegt ‘ik ben de man met de bloedende hand ik sta een straat van je verwijderd.’ Carlijn legt weer neer en besluit de rest van de dag de telefoon niet meer op te nemen. Dan gaat de deurbel. Carlijn doet open en ziet een man staan die zegt: ‘ik ben de man met de bloedende hand. Mag ik een pleister?’